Door Marjolein Torenbeek

Het teamuitje: ‘gewoon gezellig’ of daadwerkelijk de kick-start van een succesvol seizoen?

We maken het allemaal wel eens mee: je komt op een feestje waar je (bijna) niemand kent. Je weet niet precies wie er allemaal zijn, of het een zit-of sta-feestje is, wat mensen drinken en of er wellicht wordt gedanst. Wat doe je dan? Je neemt het allemaal in je op, neemt het drankje dat je andere gasten ziet drinken en maakt voorzichtig een praatje. Met andere woorden: je tast de sfeer af en je houd je nog even op de vlakte. Naarmate het feestje op gang komt voel je je steeds meer op je gemak, kies je het drankje dat je favoriet is en ga je uiteindelijk misschien wel los op de dansvloer.

Niet investeren in teamdynamiek verkleint de kansen op een succesvol seizoen

Wist je dat 7 op de 10 sportteams afgelopen seizoen ondermaats heeft gepresteerd omdat de groepsdynamiek niet goed was? Zeventig procent! Teams die veel energie hebben gestoken in techniek- en tactiektrainingen en wedstrijdvoorbereidingen. Waarbij 'het' er vervolgens niet uitkwam, omdat groepsprocessen niet helemaal lekker liepen.

Betere teamprestaties door oxytocine

De high-five, de knuffel, het dansje en de midair celebratory bump of flying shoulder bump (in de lucht tegen elkaar op springen). Allemaal manieren waarop teamsporters een score of doelpunt met elkaar vieren. En zonder dat ze het misschien zelf in de gaten hebben, is dat eigenlijk heel slim. Want door al dit fysieke contact komt het hormoon oxytocine vrij in hun hersenen. En dat hormoon blijkt een belangrijke rol te spelen in de samenwerking tussen mensen.

Hoe sluit je in stijl het seizoen af met je team?

Gaan we dit jaar barbecueën of doen we nog een laatste teamuitje? In veel sporten zit het competitieseizoen er bijna op. Dan komt er een moment waarop het team het seizoen afrondt, waarna iedereen (voor even) zijn of haar eigen weg gaat.

Too-much-talent-effect

In veel sportcompetities staan de play-offs voor de deur. Nog even, en dan is bekend wie de kampioenen zijn in de Eredivisie Voetbal, de Korfbal League, De BNXT League en de Hoofdklasse Hockey. Niet lang daarna is het alweer tijd om voorbereidingen te treffen voor het nieuwe seizoen. Het doel van veel clubs: de toppers behouden en zoveel mogelijk nieuwe topspelers aantrekken. Maar, is dat eigenlijk wel zo handig?

Zijn conflicten echt nodig om als team te kunnen groeien?

Hoe maak je van een groep individuele sporters nu een hecht team, dat goed presteert? Een interessant onderwerp waar veel over valt te vertellen. Deze keer een vraag van een coach uit de praktijk. Een vraag die mij regelmatig wordt gesteld. “Als ik het goed heb begrepen, zijn volgens verschillende theorieën conflicten nodig voor de groei van een team. Ik vraag me af: Is het nou echt zo dat conflicten een voorwaarde zijn om als team te kunnen ontwikkelen? En als er geen conflicten zijn, is er dan geen groei?”

Het collectief als middel voor individueel succes

Dagblad Trouw kopte enkele dagen voor de start van de Olympische Winterspelen: “De Nederlandse shorttrackers zijn één grote familie.” Voor de trouwe volger van de sport geen nieuws, in de afgelopen jaren werd de groep al vaker geroemd vanwege het hechte collectief. Ook de Nederlandse schaatsers vormen een eenheid, ook al bestaat deze groep uit verschillende commerciële ploegen. De ‘gouden tip’ van Ireen Wüst aan Kjeld Nuis (goud op de 1500 meter) was een mooi voorbeeld van die eenheid, evenals de aanmoediging van (toch echt een concurrent) Thomas Krol vlak voordat Nuis van start zou gaan op zijn gouden race.

Voorkomen dat je team bezwijkt onder druk

Iedere teamsporter, iedere coach heeft het wel eens meegemaakt: ‘choking under pressure’. Het team heeft zich goed voorbereid, is helemaal klaar voor de wedstrijd. En dan op hét moment komt het er niet uit. Het team bevriest, maakt onnodige fouten, lijkt de weg kwijt. Ineens lukt het niet meer om dat uit te voeren, waar vele uren op geoefend is. Wedstrijd verloren, een illusie armer.

Subgroepen binnen je team: hoe ga je ermee om?

Als coach wil je graag dat je team een eenheid vormt. Een eenheid staat garant voor veel positieve energie en weinig gedoe. Het betekent dat teamleden elkaar vertrouwen, goed samenwerken aan gezamenlijke doelen, elkaar steunen en vertrouwen hebben in de capaciteiten van het team. Dit alles komt de prestaties van het team ten goede.

Motivatie in het brein – houd je sporters gemotiveerd met inzichten uit neuroscience

Wie kent het niet? Op een dag bedenk je dat je iets wilt bereiken, iets wat je heel graag wilt, en je start vol enthousiasme. Misschien wil je 10 km kunnen hardlopen, vanaf nu twee keer per week naar de sportschool of elke week een boek lezen. De eerste dagen of weken gaat het ontzettend goed. Dan merk je dat je motivatie langzaam afneemt. Waar je eerst nog plezier beleefde aan de activiteit, voelt het steeds meer als ‘moeten’. Je stelt je doel bij (5 km hardlopen, 1 keer per week sporten of af en toe een hoofdstuk lezen, is tenslotte al heel wat), of gooit het bijltje er helemaal bij neer (laat maar zitten, gaat toch niet lukken).

In drie stappen naar een gretig team

Het belang van een groeimindset op individueel niveau is bij de meeste trainers-coaches wel bekend. Een groeimindset betekent dat een sporter erin gelooft dat hij zijn talent kan ontwikkelen. Hierdoor gaat hij uitdagingen aan, is hij niet bang om fouten te maken en zet hij door als het tegenzit. Met als gevolg dat hij zich op de lange termijn sneller ontwikkelt dan zijn teamgenoot met een fixed mindset.

Social loafing in teams: wat is het en hoe voorkom je het?

Ruim 100 jaar geleden deed de Fransman Ringelmann een interessante ontdekking. Als landbouwingenieur was hij benieuwd naar de factoren van invloed op werkprestaties. In een van zijn experimenten gaf hij mannen de opdracht zo hard mogelijk aan een touw te trekken. Om te beginnen alleen en vervolgens ook in teams van wisselende grootte. Met een dynamometer mat hij steeds de trekkracht.

Zes tips om het seizoen met je team goed te starten

Eindelijk is het dan zover: de Olympische Spelen zijn begonnen. Terwijl je de verschillende Nederlandse sporters en teams in actie ziet, is het slim om alvast na te denken over hoe je met jouw sporters het nieuwe seizoen wil gaat starten. Ook al weten we nog niet precies hoe dat er straks gaat uitzien (i.v.m. Corona-maatregelen), waar je als coach wel controle over hebt, is jouw team een goede start geven.

Een laat tegendoelpunt?

Op 13 juni speelde Nederland de eerste EK-wedstrijd tegen Oekraïne. In deze wedstrijd vielen drie van de vijf doelpunten in de laatste 15 minuten. Dat is niet ongewoon. Het komt vaker voor dat in het laatste kwartier van de wedstrijd nog meerdere doelpunten vallen. Onderzoek laat zien dat in deze laatste periode over het algemeen meer doelpunten worden gescoord dan in de periodes daarvoor.

Teamdoelen stellen: lessen uit het Nieuw-Zeelandse toprugby

Sporters die vertrouwen hebben in hun eigen kunnen, presteren over het algemeen beter. Ze stellen uitdagender doelen, twijfelen minder en zijn meer gefocust. Ditzelfde geldt ook voor teams: hoe groter het vertrouwen van de teamleden in de capaciteiten van het team als geheel, hoe beter het team presteert.