Stoppen met topsport: hoe ervaren talentvolle sporters hun weg naar een nieuwe toekomst?

Hoe ervaren gestopte talentvolle sporters de overgang van sporten op topniveau naar een leven buiten de sport? Over deze uitstroomfase is nog weinig bekend. Uit onderzoek van het Mulier Instituut blijkt dat stoppen met sport op het hoogste niveau meer is dan alleen een sportieve verandering. Sporters maken een identiteitsverandering door, omdat sport jarenlang een centraal onderdeel van hun zelfbeeld was. Nieuwe rollen en steun van ouders, teamgenoten en coaches kunnen helpen bij de overgang.

Met het onderzoek wil het Mulier Instituut inzicht bieden in hoe talentvolle sporters het stoppen beleven, welke invloed het heeft op hun identiteit en welke vormen van ondersteuning zij waarderen of missen. De bevindingen zijn relevant voor opleidingsprogramma’s, sportbonden, coaches en andere professionals die talentvolle sporters begeleiden. Voor dit kwalitatieve onderzoek spraken onderzoekers Agnes van Suilekom en Maaike Heerschop twaalf gestopte talentvolle sporters uit acht verschillende sporten.

De meeste sporters kozen er uiteindelijk zelf voor om te stoppen met sporten op het hoogste niveau, maar het proces was vaak lastig. Afname van plezier, perspectief of motivatie speelde een grote rol bij de keuze om te stoppen. Gebrek aan toekomstperspectief en het loslaten van een vertrouwde topsportstructuur maakten de beslissing moeilijk. De sporters kijken positief terug op vriendschappen, ontwikkeling en prestaties. Toch kleuren prestatiedruk, blessures of deselectie hun herinneringen. Sommigen blijven zich afvragen hoe ver ze hadden kunnen komen als ze waren doorgegaan.

De overgang naar een leven buiten de topsport ervaren de sporters daarom ook als dubbel. Aan de ene kant waarderen zij de vrijheid en rust die ontstaat wanneer het intensieve sportprogramma wegvalt. Maar aan de andere kant ervaren ze verlies van structuur, doelen en zekerheid. Gestopte talentvolle sporters zijn hierdoor soms erg zoekende.

Minder en minder harde selectiemomenten

In het onderzoek komt naar voren dat de sporters pleiten voor laagdrempelige mentale begeleiding tijdens hun carrière, bijvoorbeeld om te praten over hun twijfels. Ze willen meer perspectief op een leven naast en na de sport, bijvoorbeeld via studie of andere rollen. Minder en minder harde selectiemomenten zouden hun stress verminderen.

Als het om steun gaat tijdens de sportcarrière en het besluitvormingsproces van stoppen dan vinden de sporters dat vooral bij ouders en teamgenoten. De kwaliteit van begeleiding door coaches en bonden varieert sterk. Vooral bij het uitgeselecteerd worden missen sporters vaak persoonlijke en toekomstgerichte ondersteuning.

Laagdrempelige gesprekken over twijfels

Op basis van hun onderzoek doen de onderzoekers een aantal aanbevelingen voor opleidingsprogramma’s. Om te beginnen stellen zij dat het belangrijk is om mentale zorg te bieden in de vorm van laagdrempelige gesprekken over plezier, stress en twijfels. Dit helpt om signalen van overbelasting vroeg te herkennen en mentale veerkracht te versterken. “Creëer een veilige omgeving waarin sporters open kunnen spreken zonder angst voor selectiegevolgen”, schrijven de onderzoekers.

De selectiemomenten verdienen ook een kritische blik en zeker de communicatie rond het selectieproces. “Communiceer duidelijk en persoonlijk over selectie en deselectie. Hierdoor voelen sporters zich meer serieus genomen, en dit voorkomt veel stress.”

Nazorgaanpak

Een vaste nazorgaanpak met ondersteuning voor sporters kan voorkomen dat de uitstroom abrupt komt. “Een afsluitend gesprek en eventuele vervolggesprekken bieden ruimte voor emoties, evaluatie en toekomstoriëntatie. Zorg bovendien voor duidelijke informatie en doorverwijzingen, zodat sporters weten waar ze terecht kunnen na hun topsportperiode.”

Tot slot is het ook belangrijk dat de ontwikkeling buiten de sport wordt gestimuleerd. “Een brede identiteit helpt sporters bij een soepelere overgang na het stoppen. Stimuleer studie, werkervaring of andere interesses naast topsport, zodat sporters toekomstperspectief ontwikkelen.”

Ga voor het volledige onderzoek naar het Mulier Instituut.