Jaarcongres Wetenschap voor de Sportpraktijk: "Niet alles wat blinkt is goud"

De hedendaagse coach kan met gebruik van technologie van alles meten bij sporters. Met draagbare technologie, zoals smartwatches en fitnesstrackers, kunnen sporters en coaches real-time data verzamelen over diverse parameters zoals hartslag, slaap, activiteitenniveau en voeding. Hoe gebruik je al die data op een goede manier om sporters verder te brengen? En waar liggen nog beperkingen? Die vragen stonden centraal bij het Jaarcongres Wetenschap voor de Sportpraktijk met als thema ‘Monitoring en wearables – slimmer coachen met data’.

Op 4 november organiseerden NLcoach en Topsport Topics in Woerden wederom het Jaarcongres Wetenschap voor de Sportpraktijk. Een diverse groep van ruim tachtig trainer-coaches, wetenschappers en andere sport/zorgprofessionals wilden graag meer weten over de laatste wetenschappelijke inzichten over monitoring en data. Met sprekers uit de wetenschap en de praktijk gingen de aanwezigen na een ochtend weer naar huis met praktisch toepasbare inzichten.

Het was wat dat betreft een goede warming-up voor het NLcoach Congres op 19 december over AI in het coachvak.

Coachdashboard

Docent/onderzoeker Jos Goudsmit (Fontys en Technische Universiteit Eindhoven) trapte het congres af met een introductie op de mogelijkheden en onmogelijkheden van monitoring voor coaches. Hij is in verschillende rollen betrokken bij het opleiden van trainer-coaches: als opleidingsmanager van de Fontys Ad Sport en als opleider bij verschillende sportbonden. Daarnaast heeft hij als onderzoeker ook veel contact met trainer-coaches over het monitoren van sporters. Hij was bijvoorbeeld ook betrokken bij de ontwikkeling van het coachdashboard ‘Coach in Control’ van Sport Data Valley.

Voor het vervolgproject ‘Sportmonitor op Maat’ haalde hij onder coaches wensen op bij het inzichtelijk maken van prestaties, belasting en welzijn van sporters. Hij destilleerde daar een aantal behoeften bij coaches uit: eigen keuze in weergave van data en data snel kunnen analyseren. Ook een belangrijke praktische wens van coaches is dat ze het liefst alles in één systeem geïntegreerd willen hebben en dat ze ingebouwde waarschuwingen krijgen als een sporter in een gevarenzone komt.

"Het stokt op het moment dat de sporter het gevoel krijgt dat hij een vragenlijst invult voor de trainer-coach en dan zegt: ik krijg toch geen feedback"

Jos Goudsmit - Fontys en Technische Universiteit Eindhoven

Verbinding

“Waar we bij Coach in Control ons hebben gefocust om trainer-coaches een eerste dashboard te bieden, hebben we bij ‘Sportmonitor op Maat’ meer nadruk gelegd op de connectie tussen coach en sporter”, legde Goudsmit uit. Voor het meenemen van sporters bij de dataverzameling is een heel stappenplan uitgewerkt. Daarbij is het volgens Goudsmit voor het draagvlak van groot belang dat de doelstelling helder is. “Wat je vaak hebt is dat sporters een vragenlijst over hoe ze zich voelen wel even invullen omdat dat de bedoeling is, maar dat het stokt op het moment dat de sporter het gevoel krijgt dat hij het moet doen voor de trainer-coach en dan zegt: ik krijg toch geen feedback. Je moet echt in die relatie investeren om uiteindelijk die samenwerking goed te krijgen. We merken ook dat de huidige generatie jonge sporters die verbinding ook belangrijker vindt.”

Mechanische belasting

Bas van Hooren, sportwetenschapper aan de Universiteit van Maastricht, dook daarna dieper in monitoring van blessurepreventie. Van Hooren is zelf een verdienstelijk hardloper: hij is meervoudig Nederlands kampioen op afstanden van 3.000 meter tot de halve marathon. In de loop der jaren heeft hij ook heel wat blessures gehad, gaf hij toe. Hardlopen is ook een sport waar veel blessures voorkomen, met name klachten aan de knieën en achillespezen komen veel voor. Dat zijn typisch blessures die ontstaan door impact op die gewrichten tijdens het hardlopen.

"Blessures ontstaan vaak door herhaaldelijke mechanische impact"

Bas van Hooren - Universiteit Maastricht

Van Hooren wilde die mechanische belasting beter in kaart krijgen en is daar onderzoek naar gaan doen. Om het belang van die focus verder uit te leggen, gaf hij een voorbeeld: “Als jij van een box springt en je doet dat een paar keer, dan is dat fysiologisch gezien niet zo’n grote belasting. Je hartslag gaat niet zo omhoog en je ademfrequentie blijft redelijk hetzelfde. Maar mechanisch gezien ervaren je botten, pezen en spieren best flinke impact. Blessures ontstaan vaak juist door die herhaaldelijke mechanische impact. Je voelt vooral fysiologische vermoeidheid, maar die microscopische schade die ontstaat bij overbelasting voel je niet. Daarom is het juist goed om die mechanische belasting te kunnen kwantificeren.”

3D-beeld

Het meten van mechanische belasting bij hardlopen is complex doordat allerlei factoren als gewicht, snelheid, techniek en schoeisel invloed hebben. Evengoed proberen wearables al conclusies te trekken over de impactkrachten tijdens het hardlopen. Van Hooren constateerde dat de gebruikte sensoren moeilijk iets kunnen zeggen over de daadwerkelijke belasting. In zijn onderzoek ging hij een paar stappen verder. In een labsetting liet hij van hardlopers een 3D-beeld maken van hun loopbewegingen. Gecombineerd met de data uit een slim zooltje, kon hij daarna een geavanceerd rekenmodel ontwikkelen. “Door ons onderzoek weten we nu wat verandering in snelheid en pasfrequentie doet met de mechanische belasting. Op zich kan dat nu al gebruikt worden door coaches die zeggen: Wat als ik een andere techniek gebruik of ander oppervlakte, wat kun je dan verwachten aan belasting op pezen en spieren? We kunnen ook in het veld specifiek bij een sporter meten met het zooltje en een draagbare sensor.”

Kritische houding

Na de pauze liet Bjorn de Laat zien hoe monitoring in een topsportomgeving wordt toegepast. Hij werkte tot dit voorjaar als embedded scientist bij de KNSB voor de shorttrackploeg en werkt nu in diezelfde rol bij de KNWU. In zijn presentatie over de zin en onzin van wearables hield hij de aanwezige coaches voor kritisch te blijven. “Vaak worden data uit wearables als feiten gepresenteerd, maar dat zijn ze niet. Daar moet je scherp op blijven.” Hij had daar aan het einde van zijn presentatie nog een duidelijke uitsmijter voor: “Niet alles wat blinkt is goud.”

Daarmee bedoelt hij dat je niet zomaar alles wat met mooie kleurtjes en grafiekjes wordt gepresenteerd in een app of horloge, als waarheid moet aannemen. In die kritische houding en in het willen weten wat je meet, gaat hij zelf als embedded scientist vrij ver. “Ik heb van nature wel interesse in die technologie. Dat maakt het ook makkelijker om je daarin te verdiepen.” Toen de Aura Ring door veel shorttrackers werd gebruikt om hun slaapkwaliteit te meten, werd De Laat bijvoorbeeld nieuwsgierig. “Ik ben zelf gaan uitzoeken bij die Aura Ring hoe zij temperatuur meten. Dat doen ze blijkbaar met een thermosensor. Als ik dat weet, vertrouw ik het al wat meer.”

De Laat ziet hierin voor een gemiddelde coach zonder embedded scientist wel een probleem. “Ik kan mij voorstellen dat je dan denkt: ik kan niet alles weten. Ik begrijp dus goed dat je dan met een bepaalde wearable zegt: ik vertrouw dit en ik weet wat het meet. Maar dan moet je nog kritisch blijven als er iets uitkomt wat je niet snapt of niet kunt plaatsen.”

"Vaak worden data uit wearables als feiten gepresenteerd, maar dat zijn ze niet. Daar moet je scherp op blijven"

Bjorn de Laat

De blik van de topsporter

Zeilkampioene Marit Bouwmeester sloot het congres af met een kritische blik vanuit het perspectief van de atleet. "Ik denk dat het goed is om van alles te meten en bij te houden, maar subjectieve data die vervolgens als feiten worden gepresenteerd; daar heb ik moeite mee. Daar zie ik vaak dat fouten mee worden gemaakt.” Zij heeft in de topsport gemerkt dat data vaak als bevestiging of houvast wordt gebruikt. “Ik denk dan: zo ik het niet bedoeld. Data zijn een indicator of een startpunt voor een gesprek en zeker niet als vervanging daarvan. Je gaat niet alles met data kunnen oplossen of weten. Je moet dus ook accepteren dat je nooit de volledige zekerheid krijgt of je goud gaat winnen."

Dit artikel is een korte versie van een langer verslag in vakblad NLCOACH 3-2025.

Meer verdieping?

Wil je meer weten over het data, monitoring en de rol die AI gaat spelen in het coachvak? Kom dan op 19 december naar het NLcoach Congres op Papendal. Deze dag staat volledig in het teken van het thema: Al in Actie: De nieuwe spelregels voor trainer-coaches in de sport’.